|
Via de website ontvang ik met grote regelmaat vragen
van lezers over hoe je een rotstuin aan moet leggen.
Het goed aanleggen van een rotstuin is van diverse
factoren afhankelijk. Hoe groot wil je een rotstuin
maken? Hoeveel ruimte heb je? Wat zijn je financiële
middelen? Hoe is de ligging van de tuin ten opzichte
van de zon? Enz., enz… Natuurlijk kan je alles
meteen heel groots aanpakken wanneer je denkt dat je
voldoende ervaring en kennis hebt van het aanleggen
van een rotstuin en direct tonnen stenen
binnenrijden en verwerken. Ook kan je een rotstuin
door een erkende hovenier laten aanleggen, maar
beide opties gaan al snel heel veel geld kosten.
Deze basiscursus is gericht op het maken van een
rotstuin voor de beginnende liefhebber. Geen grote
projecten, géén dure materialen, en toch een leuk
resultaat! In september 2006 heb ik een deel van
mijn tuin, dat toen nog niet als rotstuin gebruikt
werd, onderhanden genomen en heb daar wat foto’s van
gemaakt. Dit kleine project is een goed voorbeeld
van hoe je een simpele maar toch interessante
rotstuin kan aanleggen.
Vanuit mijn keuken gezien heb ik aan de rechterkant
van de achtertuin een strook grond van 1 bij 2 meter
waarin ik tot die tijd wat potten met winterharde
cactussen had staan. Dit stuk grond ligt vanaf ca.
14.00 uur in de volle zon. De bedoeling is om de
bestaande trog als afscheiding van de nieuwe
rotstuin te laten fungeren en dit stukje grond aan
te sluiten op de daarachter liggende rotstuin.
Uitbreiding dus!
Ik ben begonnen met het weghalen van het aanwezige
grind en de onderliggende antiworteldoek. De trog
heb ik daarna op de juiste plaats gezet. De
vrijgekomen grond heb ik goed omgespit om een goede
afwatering te bewerkstelligen. De bestaande rotstuin
wordt aan de achterzijde omsloten met betonnen
banden. Deze heb ik ook geplaatst achter het nieuwe
stuk. De betonnen banden heb ik geplaatst met een
afstand van 10 cm. ten opzichte van de houten
afscheiding. Dit om te voorkomen dat er druk komt op
de afscheiding met de buren. In deze strook van 10
cm. heb ik antiworteldoek gelegd en daarop een
flinke laag grind. Dit voorkomt dat er onkruid
tussen deze vrije ruimte gaat groeien waar je straks
moeilijk bij kunt. Aangezien de betonnen bandjes
niet zo hoog zijn kunnen ze snel naar achteren gaan
kantelen. Om dit te voorkomen heb ik ook enkele
stukken dwars op de bandjes geplaatst waardoor er
een soort trekkracht ontstaat. Voor de rotstuin
maakt de aanwezigheid van deze bandjes niets uit
omdat er voldoende grond op komt te liggen.
Uiteraard kunt u in plaats van betonnen bandjes ook
kiezen voor een houten damwand waartegen vijverfolie
is aangebracht om rotting van het hout te voorkomen.
Zorg er wel voor dat de palen die u hiervoor
gebruikt stevig zijn en voldoende diep geplaatst
zodat ze de druk kunnen opvangen. Hierna kan
begonnen worden met het vullen van de ontstane
ruimte met aarde. Bij een rotstuin is het noodzakelijk dat de grond goed gedraineerd wordt.
Vooral wanneer je een tuin hebt op kleigrond dien je
de grond te draineren. Het toevoegen van gebroken
puin is een goede methode. Er zijn ook methodes dat
je eerst een berg van gebroken puin maakt en daarop
omgekeerde grasmatten legt waarop weer een dikke
laag aarde komt te liggen. De tuin die ik heb
bestaat voornamelijk uit zandgrond. Regenwater wordt
altijd redelijk snel afgevoerd. Omdat dit nieuwe
stuk veel zon heeft bestaat er een gerede kans dat
de grond uitdroogt in plaats van dat hij te vochtig
is. Om die reden heb ik wel wat gebroken puin
toegevoegd maar niet teveel. Een partij gebroken
leisteen doet in mijn geval het werk. Deze leisteen
heb ik door de aarde gewerkt zodat ze niet meer
zichtbaar is. Daarop kwam nog een laag aarde van ca.
10 cm., zodat je een voldoende dikke laag hebt om te
planten.
Vanaf dit punt begint het leuke werk, namelijk de
beplanting en de afwerking. Ik ben begonnen met het
afwerken van de rand achter de trog. Deze rand is
afgegraven, voorzien van antiworteldoek en daarop
een laag grind. De rotstuin sluit direct aan op mijn
terras. Door het maken van grindranden vorm ik
daarmee een soort opvangbak voor het ‘weinige’ grit
dat van de rotstuin afspoelt bij heftige regenbuien.
Hierna wordt begonnen met het plaatsen van de grote
stenen. Wat voor soort stenen kan je gebruiken? Nu,
dat is afhankelijk van eigen smaak en budget.
Sommige mensen kiezen voor de donkere lavasteen of
juist de lichte tufsteen. Deze laatste steensoort is
erg geschikt voor een natuurlijke rotstuin maar is
daarmee ook meteen een van de duurste steensoorten
en tevens moeilijk verkrijgbaar. Zowel lavasteen als
tufsteen heeft een zeer ruw oppervlak en is een
relatief zachte steensoort. Op dit soort stenen
krijgen schimmels en mossen gemakkelijk de kans om
zich te hechten. Wanneer mossen en schimmels bezit
genomen hebben van deze stenen breiden ze zich ook
gemakkelijk uit naar de rest van uw tuin. Zeker in
ons klimaat, dat relatief nat is. Wanneer u dit niet
wilt, neem dan een hardere steensoort. Hierop
hechten schimmels en mossen zich niet zo
gemakkelijk. Mocht dit toch gebeuren, zijn ze
gemakkelijk te verwijderen. Er zijn diverse
steensoorten in de handel verkrijgbaar. Ga er bij uw
keuze van uit dat u een soort neemt die natuurlijk oogt. Dus géén roze stenen of bijvoorbeeld witte Carrara stenen! Neem ook geen ronde stenen! Ronde
stenen worden in de natuur gevormd door gletsjers en
rivieren en horen niet thuis in de rotstuin. Door
hun ronde vorm zijn ze niet goed stapelbaar en maken
uw rotstuin instabiel. Ze zijn wel goed bruikbaar in
en rondom de vijver! Probeer wat ruw gevormde stenen
uit te zoeken en liefst in verschillende groottes en
waar mogelijk zoveel mogelijk dezelfde steen! In
mijn tuin heb ik gekozen voor een grijze Ardennersteen omdat ik dit persoonlijk een mooie
steen vind die ook goed past bij het door mij
gebruikte Japanse split. Tevens vind ik dat de
planten hierbij goed tot hun recht komen. Maar
nogmaals… de keuze is aan u! Bij het plaatsen van de
stenen dient u er rekening mee te houden dat u de
stenen licht naar achter te laten hellen. Hiermee
creëert u een natuurlijker effect en meteen een
goede afwatering. Neem voor het plaatsen van de
stenen ruim de tijd en bekijk ze vanuit
verschillende standpunten. Probeer de stenen zo vast
mogelijk te zetten. Dit kunt u bereiken door
bijvoorbeeld de gestapelde steen iets op de
onderliggende steen te laten rusten. Kijk ook naar
de vorm van de steen en probeer ze als een puzzel op
elkaar aan te laten sluiten. Tijdens het plaatsen
van de stenen dient u ook de beplanting mee te
nemen. Het is gemakkelijker om planten met een
volwassen wortelgestel meteen tussen de stenen te
leggen dan dat je later deze plant in een gat moet
zien te proppen. Met jonge planten is dat nog wel te
doen, maar niet met volwassen planten. Bij het
planten is het beter om een groep van dezelfde soort
bij elkaar te zetten dan dat u er van elke soort 1
plant. Rotsplanten zijn en blijven over het algemeen
klein. Het effect van de bloei is groter wanneer dit
een groter vlak beslaat. In het geval van zodevormende planten hoeft u dit natuurlijk niet te
doen.
Heel veel vragen krijg ik over welke planten men
moet kopen. Ook dit is afhankelijk van meerdere
factoren. De standplaats is erg belangrijk. Komt de
plant in de zon, halfschaduw of schaduw te staan?
Ook de vochtigheid speelt een belangrijke rol.
Bijvoorbeeld Primula’s vragen om veel vocht en doen
het daarom prima op vochtige standplaatsen. Over het
algemeen is een plaats rondom een vijver ideaal voor
deze plantengroep. Saxifraga’s nemen met minder
vocht genoegen maar doen het niet goed in de volle
zon. Halfschaduw tot schaduw is voor hen ideaal. Ook
zijn er kalk- en zuurminnende planten, maar ook
planten die het goed doen in een neutrale
grondsoort. In geval van kalkminnende planten kunt u
overwegen om kalk toe te voegen aan de grond. Bij
zuurminnende planten kunt u gebruik maken van turf.
Zo heeft elke plant zijn eigen voorkeuren. Kijk bij
het kopen van een plant altijd naar zijn voorkeur
voor een bepaalde standplaats en koop de plant
alleen wanneer je ook daadwerkelijk de juiste
standplaats voor de plant hebt of kunt creëren.
Probeer bij het kopen van rotsplanten ook rekening
te houden met de bloeitijd. Zorg er voor dat de
rotstuin het gehele jaar door aantrekkelijk blijft.
Veel rotsplanten hebben hun bloei in de periode
maart – mei. Dit zou betekenen dat, wanneer de zomer
begint en je dus lekker buiten kunt gaan zitten, er
niets meer bloeit. Plantensoorten die in de zomer
interessant zijn, zijn bijvoorbeeld Dianthus en
Campanula. Een beplantingsschema maken is geen
overbodige luxe! Waar men ook niet aan voorbij moet
gaan is het planten van bloembollen. Deze mogen
zeker niet ontbreken in de rotstuin. Lees hierover
meer in onze cursus “bloembollen in de rotstuin”.
Wanneer de stenen gelegd zijn, de planten geplant,
gaan we de rotstuin afwerken. Bij rotsplanten
ontstaan gemakkelijk problemen wanneer de wortelhals
voortdurend in het vocht staat. Het is dan ook zaak
om regenwater zo snel mogelijk af te voeren. De
drainage die we al hebben aangebracht helpt daar
goed bij. Om het regenwater snel af te voeren van de
wortelhals, maken we gebruik van een laag grit welke
we tot aan de wortelhals aanbrengen. Deze laag moet
minimaal 2-3 cm. dik zijn. Hierdoor wordt het water
snel langs de plant afgevoerd en smet de plant niet.
In droge periodes houdt het grit de grond juist weer
wat vochtiger waardoor sproeien niet zo vaak nodig
is. Het soort split is ook weer afhankelijk van uw
persoonlijke voorkeur. Het moet passen bij de door u
gekozen steensoort. Zoals eerder gezegd maak ik
gebruik van Japans split. Let ook hier op dat u niet
kiest voor ronde steentjes. Deze spoelen weg bij de
minste of geringste regenbui. Kijk tijdens uw
wandeling door de tuin of de splitlaag nog voldoende
aanwezig is. Door wind en regen wil het split wel
eens weggeveegd worden. Indien nodig aanvullen. Kies
ook niet voor een te grote soort split. Deze laten
gemakkelijker onkruid door.
Inmiddels is de nieuw aangelegde rotstuin volgroeid
en past het prima bij de rest van mijn rotstuin.
Zoals u ziet kan je met weinig middelen toch een
leuk resultaat behalen. Natuurlijk zijn er grotere
en veel mooiere rotstuinen te maken maar het gaat er
om dat u er tevreden mee bent!
Ik hoop dat ik u met deze korte cursus voldoende heb
kunnen inspireren zodat u een begin kunt maken aan
uw eigen rotstuin. Bent u een gevorderde
rotstuinliefhebber en u wilt meer weten over het
maken van rotstuinen en mogelijke varianten hierop,
dan kan ik u het boek “Rotstuinen” van Wiert Nieuman
van harte aanbevelen. Het ISBN-nummer van dit boek
vindt u in onze boekenlijst. Ik wens u veel succes
met het maken van uw rotstuin.
Hans Mol
|













|